Beste mensen,
Na een tamelijk lange stilte nu een gewaagd stukje, al zeg ik het zelf. Het gaat namelijk een beetje over voetbal, en ik moet meteen bekennen dat ik daar geen ….bal vanaf weet. En deze dagen, nu de voorpret al behoorlijk oploopt, moet ik een beetje op mijn woorden letten.
Maar toch. Onlangs reed ik in Leidschenveen, ons sympathieke buurland en deel van onze wijk. Ze hebben daar een gigantisch voetbalstadion, wist u dat? Er was blijkbaar iets aan de gang, want overal liepen ordebewakers, verkeersregelaars en politie rond. Kost ook aardig wat. Ik had dus ruim de tijd om rond te kijken, want al dat regelen doet de snelheid van het verkeer geen goed. Nu wist ik al dat dit stadion gezegend is met 3500 parkeerplaatsen. Vijfendertighonderd! Mijn doel was echter een basisschool die een eindje verder de wijk in ligt. Ook daar nam de opstopping tamelijk heftige vormen aan. Alleen, daar was dat heel normaal. En waarom? Deze twee basisscholen plus kinderopvang, die samen zeker zo’n 900 kinderen per dag “processen”, zijn de trotse gebruikmakers van… 35 parkeerplaatsen. Vijfendertig! En die worden ook gebruikt door de pasgebouwde wijk ernaast, om caravans en aanhangwagens te stallen. Plus er gaat een plek voor een dokter af. Vierendertig of minder dus. Ben ik nou helemaal gek? Hoe lopen die geldstromen? Hoezo is er geld voor drie en een half duizend parkeerplaatsen rond een semi-failliet stadion en kunnen er 500 meter verderop zegge 34 plaatsjes af voor twee scholen, waarvan een met een regionaal karakter? Wie het snapt, mag het me uitleggen. Zelf denk ik dat een land, dat ontzettend veel meer geld overheeft voor voetbal dan voor onderwijs, zichzelf geen kennis-economie mag noemen, zoals JP Balk dat wel eens heeft gedaan. Hooguit een sport-economie.
|