|
Duizenden monumenten in het land verwelkomen op zaterdag 11 september 2010 bezoekers en vaak is dat de kans om een kijkje te nemen op plekken die op andere dagen niet te bezoeken zijn. Op Ypenburg staat aan het ILSY-plantsoen het voormalige Luchthavengebouw van 10.00 tot 17.00 uur open voor publiek. Een unieke kans het Rijksmonumentale gebouw nu ook van binnen te bezichtigen.
Rondleidingen De rondleidingen worden verzorgd door de Historische Vereniging Buitenplaats Ypenburg in samenwerking met BOEi, de nieuwe eigenaar van het Rijksmonument. BOEi is op zoek naar nieuwe gebruikers en bereidt momenteel een grondige restauratie voor van het uit 1936 daterende gebouw.
De rondleidingen starten in de Museumkelder. Het Museum Ypenburg is sinds januari van dit jaar in de kelder van het gebouw gevestigd. De Historische Vereniging Buitenplaats Ypenburg heeft daar samen met Stichting Historisch Ypenburg een werk- en tentoonstellingsruimte. Er is een kleine expositie over het gebouw en tevens staan de motor en propeller van de Bristol Blenheim bommenwerper uit 1940 geëxposeerd, die in november 2008 zijn opgegraven bij een tuinder op de hoek van Uithoflaan en Poeldijkseweg in Den Haag.
Bereikbaarheid Het Luchthavengebouw staat aan het ILSY-plantsoen 1, 2497 GA Den Haag (Ypenburg). Gelegen achterin het bedrijventerrein Ypenburg. Bereikbaar met tramlijn 15 (halte Laan van Ypenburg) of tram 19 (halte Anthony Fokkersingel). Het is ongeveer 10 minuten lopen vanaf beide tramhaltes naar het ILSY-plantsoen. Per auto bereikt u het ILSY-plantsoen via Singel en Laan van Haamstede. Voor de fietsers zijn er verschillende routes. Bijvoorbeeld het Van Weerden Poelmanpad dat vanaf Laan van Hoornwijck of Brasserskade om Ypenburg heen naar het ILSY-plantsoen loopt. Zie ook www.museumypenburg.nl
Historie van het complex In het begin van de dertiger jaren van de vorig eeuw maakten de Aeroclubs van Den Haag en Rotterdam regelmatig gebruik van de weilanden tussen Rijswijk en Nootdorp voor de sportvliegerij. In 1935 werd een terrein gekocht met geld dat was bijeengebracht door het bedrijfsleven. De overheid droeg enigszins bij door de aanleg te subsidiëren als werkverschaffingsproject. Het was de bedoeling dat het vliegveld voor meerdere doeleinden werd gebruikt, zoals particuliere luchtvaart, sportvliegerij, demonstratievliegen, instructie en als vestigingsplaats voor vliegmaatschappijen. Na de aanleg was het qua omvang (200 ha.) na Schiphol het grootste vliegveld van Nederland. Dat vliegen toen een hele gebeurtenis was, blijkt uit de vestiging van een groot restaurant en terrassen voor 1800 mensen. In de weekends van die tijd was Ypenburg een leuk alternatief voor Scheveningen.
Bij de mobilisatie van 1939 kreeg het veld een militaire bestemming. Toen de Duitsers in de ochtend van 10 mei het vliegveld vanuit de lucht overvielen (zie het monument te plaatse) werd al er niet meer civiel gevlogen. De gebouwen werden bij het bombardement zwaar beschadigd en hebben daarna ook zwaar te lijden gehad tijdens de Nederlandse herovering. Tijdens de Duitse bezetting werd het veld uitgebreid met bijgebouwen en werd een houten landingsbaan aangelegd, die in 1943 met sloten werd doorgraven om geallieerde landingen tegen te gaan. In 1945 diende het terrein als één van de elf droppingzones van voedsel voor het hongerende westen van Nederland. Na de oorlog werd het luchthavencomplex weer in oorspronkelijke staat gebracht en waren er naast de luchtmacht ook particuliere ondernemingen gehuisvest (bv Frits Diepen BV). In die periode werden regelmatig vliegfeesten gehouden (Internationale Luchtvaartshow Ypenburg, ILSY). Eind 50-er jaren van de vorige eeuw vond de grootste uitbreiding van het vliegveld plaats. Het werd een NAVO-basis, met vlak daarnaast de fabriek van Fokker. De overige ondernemingen waren verdwenen. De oude luchthavengebouwen werden gebruikt als stafschool voor de luchtmacht totdat de basis de hekken sloot in 1992.
Daarna kreeg het vooroorlogse complex de status van Rijksmonument op initiatief van de Historische Vereniging van Rijswijk. Alle overige gebouwen werden gesloopt voor de nieuwbouw (alleen de naoorlogse verkeerstoren heeft de woningbouw overleefd). Het luchthavengebouw werd van 1994 tot 2009 gebruikt als Informatiecentrum Ypenburg en huisveste ook Projectbureau Ypenburg. De huidige eigenaar BOEi zoekt nieuwe gebruikers en bereidt onderwijl een grondige restauratie voor. In de kelder van het gebouw is Museum Ypenburg ingericht door de Historische Vereniging Buitenplaats Ypenburg. In het restaurant oefent voor enkele maanden Toneelgroep ROOD, die in november op locatie ook uitvoering zal geven van het toneelstuk de Familie van Maria Goos. In het NLS-gebouw is voor één jaar het Projectbureau Leidschenveen gehuisvest.
Beschrijving van de gebouwen De gebouwen zijn in concave vorm opgesteld rond het toenmalige grasveld. Hieronder volgt per gebouw een beschrijving:
Luchthavengebouw (1936) Architecten: J.A. Brinkman en L.C. van der Vlugt met medewerking van M. Zwanenburg. Het interieur werd ontworpen door J.F. Semeij. Stijl: het Nieuwe Bouwen. Indeling: In de Noordvleugel huisde de Aeroclub met een aantal clublokalen en een eetzaal. De Zuidvleugel was bestemd voor het publieke restaurant met serre en keuken en heeft bovenop een verkeerstoren. In het centrale deel vond men de reizigershal met KLM-balie, een kaartenkamer, de radiodienst, de postkamer, de douane en kleedruimten (!) voor de Aeroclub. Buiten was een terras voor 1800 bezoekers, omgeven met windschermen. Naar het dak gaven twee trappenhuizen toegang tot het dakterras, waarvan ėėn nog in de oorspronkelijke staat verkeert. Binnen bevindt zich in de hal nog altijd een in de vloer ingelegde windroos, en verder zijn de open haard van de Aeroclub en delen van de restaurantkeuken nog bewaard. De bar van de Aeroclub en het meubilair van Pander (en vele ander zaken) zijn verdwenen.
Nationale Luchtvaartschool (1939) Architect: H.F. Mertens. Stijl: het Nieuwe Bouwen Dit was de hoofdzetel van de NLS in 1939. Het gebouw heeft een licht geknikt luifeldak. In de oostgevel bevindt zich een herdenkingssteen van de toenmalige Minister van Defensie. In de zuidvleugel bevonden zich de entree, de kantoren van de chef-vliegdienst, de instructeurs en de administratie. De verdieping was bestemd voor slaapzalen (20 leerlingen en een instructeur) en de wasgelegenheid (zie de vier hoge horizontale tweelichten). Aan de oostgevel vindt men een blinde muur: de achterzijde van de leslokalen. De veldzijde van het gebouw had een recreatieruimte, waarvan nu de erker en tuindeuren nog zichtbaar zijn.
Directeurswoning (1937) Architect: M. Zwanenburg. Stijl: het Nieuwe Bouwen De woning doet kubistisch aan. Bijzonder is het overluifelde terras aan de Zuidoostzijde. Het ronde raam aan de voorzijde bevatte vroeger een glas-in-lood decoratie. Binnen bevindt zich een keuken, een twee woonkamers en een open haard en op de verdieping diverse vertrekken. Scoutinggroep Van Weerden Poelman en Stichting Rijswijkse Kinderopvang zijn na grondige restauratie van de woning en nieuwbouw de huidige gebruikers van het gebouw met de opvallende rood-wit gestreepte aanbouw. |